Niets is zo fijn dan om te praten over je kind

Hoewel ik inmiddels een gelukkige moeder ben van een gezonde zoon, ben ik ook nog steeds de moeder van een engelmeisje. Een meisje dat het helaas niet heeft gered. Een prachtig mooi, puntgaaf meisje dat ondanks haar enorme kracht niet verder mocht leven. Het meisje dat mij voorgoed heeft veranderd. Niet alleen als vrouw, maar ook als moeder.

Toen ik zwanger was van Jasmijn, mijn mooie, eerstgeboren dochter, had ik al angst. Angst dat er iets mis zou zijn met ons eerste kindje. Getest hebben we op het syndroom van down en andere aandoeningen (negatief), extra controle kwam er na de 20 weken echo omdat niet alles goed leek (later overigens wel), groeicontroles werden uitgevoerd. Ons lieve meisje werd plakje voor plakje bestudeerd. Ik stemde overal mee in want ik wilde zo graag dat het goed zou zijn. Ik kreeg keer op keer de bevestiging dat alles goed was en daar stelden we ons op in. Dat het na de geboorte van onze lieve Jasmijn zo mis zou gaan, daar waren we niet op voorbereid. Het idee dat je kind kan overlijden na de geboorte, als alles zo goed gegaan lijkt te zijn? Dat kwam niet in ons op.

Nu, twee en half jaar geleden heb ik die ervaring wel. Sta ik in de schoenen van ouders die hun kind hebben moeten laten gaan. Ouders waarbij de droom bruut uiteen spatte, in een kraamtijd die mooi had moeten zijn, maar die juist beangstigend was en verkeerd afliep. De schoenen waarvan ik dacht dat ik ze niet aan hoefde te trekken omdat alles goed gegaan leek te zijn tijdens de zwangerschap en de bevalling. Die schoenen, die heb ik nu aan.

Hoewel ik niemand, maar dan ook niemand hetzelfde toewens. Is het soms eenzaam aan deze kant. Helemaal op het moment, en dat moment komt, dat het voor anderen vergeten lijkt te zijn. Het moment dat er niet meer gepraat wordt over jouw overleden kindje. Dan wordt het stil, eenzaam, verlaten….. Want niets is zo fijn dan om te praten over je kind. Ook je kindje die er niet meer is. Want ook die heeft bestaan. En geen ouder, kindje overleden of niet, wil dat het vergeten wordt. Je kinderen zijn je alles. Ook degenen die we niet meer zien, die er niet meer zijn.

Praten wil ik dus over jouw Jasmijn. Praten over je sterke wilskracht om te leven, praten over jouw mooie donkere haartjes, over jouw zachte roze huidje, over jouw kleine handjes en voetjes, je fijne gezichtje. Maar ook over de angstige momenten. Toen je een dipje had aan de ECMO machine, de angstige momenten dat we dachten dat je het niet ging redden maar toch weer opkrabbelde. De angstige eerste nachten in het ziekenhuis, de gesprekken met de artsen, de nacht dat we jouw voorgoed moesten laten gaan…, praten wil ik…. over jouw…

Jasmijn, Jasmijn, Jasmijn….Ik wil jouw naam horen. Niet alleen uit mijn eigen mond maar ook uit die van anderen. Waarom zwijgen mensen jou dood? Je bent misschien niet meer in ons midden maar je leeft nog steeds voort in ons hart. Jij zal altijd onze dochter blijven. Jouw leven is net als dat van je broertje nog maar net begonnen, men mag nog niet over jouw zwijgen. Ons eerste kindje, jij bent ons eerste kindje.

Hoe pijn het doet dat mensen jouw niet noemen of niet (meer) over jou praten, realiseren mensen zich niet, dat begrijp ik best. Maar het doet zeer wanneer mensen zeggen dat jouw broertje ons eerste kindje is. Alsof jij niet hebt bestaan. Dan breek ik, weliswaar niet zichtbaar, maar mijn moederhart brokkelt dan wéér een beetje af. Want ik ben de moeder van twee kindjes. En als we ooit nog weer ouder mogen worden, dan krijgen we een derde kindje. Geen tweede, nee een derde. Jij bent onze eerste, en dat zal je altijd blijven.

Voor iedereen die dit leest en zich kerkend in het verhaal, ouders van, vrienden van ouders, ouders van ouders, anderen…. praat erover. Zeg de naam van het kind. Vermijd het niet! Praat over Jasmijn, zeg haar naam. Verzwijg haar niet. Erken! Erken dat ze bestaan heeft. Erken haar leven en vier het, samen met ons.

Ik hou van jou Jasmijn… Jasmijn, Jasmijn, lieve, mooie Jasmijn!