Dag 9, 16 februari 2013

Vanmorgen zijn de artsen opnieuw begonnen met het afbouwen van de ECMO. Je toestand is mooi stabiel gebleven en de artsen durven het aan. Je krijgt extra ondersteuning van de beademing en daarmee lijk je het een stuk beter te doen. Papa neemt mij die ochtend mee de stad in voor wat afleiding. Dat doet mij erg goed. Papa koopt wat mooie nieuwe kleren voor zichzelf zodat hij er op zijn best uitziet voor jou en hij laat mij zien waar hij laatst de leuke spulletjes voor jou heeft gehaald. In één van die winkels koopt ik een aapje voor jou die ik ‘ s middags bij je bedje hang. De hele dag blijft het eigenlijk goed met je gaan. ’s Avond ben je al van 350 flow (flow is de snelheid waarmee de ECMO het bloed rondpompt) naar 160 flow gegaan. Al je waardes zijn daarbij goed gebleven. Je laat iedereen weer eens zien hoe vreselijk sterk je bent. Bij het verschonen heb je zelfs een hele volle luier en ook dat is erg goed nieuws. We poetsen je kontje en doen je weer een schone luier om, dat frist lekker op. Het wordt een hele spannende nacht komende nacht, voor ons alle drie. Jij moet blijven knokken om de 50 flow te halen (de laagste stand waarop de ECMO kan draaien) en wij moeten hoop blijven houden en blijven bidden voor jou. Elke avond steken wij een kaarsje voor jou op in het kerkje in het ziekenhuis. Vanavond steken we er één extra aan. Als papa ’s nachts de melk brengt die ik voor jou heb afgekolfd, staat de stand van de ECMO echter pas op 150 flow. Het is minder snel gegaan dan de intentie was, vertellen de verpleegsters. Het gaat jou allemaal net iets te snel en ze hebben besloten jou heel eventjes rust te geven. De volgende morgen zullen ze kijken hoe het met je gaat en weer verder gaan met afbouwen. Voordat ik weer ga slapen mompel ik zacht in mezelf… Je kunt het meisje, blijven vechten lief tjikkie!